Logo Universiteit Utrecht

Labyrint Babylab

Onderzoek

Om inzicht te krijgen in het natuurlijke gedrag van kinderen maken wij in de eerste plaats gebruik van observaties in vrije spel situaties, maar we hebben ook oogbewegingsregistratie-apparatuur tot onze beschikking om tot in detail te kunnen observeren wat een kind bezig houdt.
Al ons onderzoek vindt plaats in ons babylab aan de Uithof te Utrecht.

Voor meer informatie over onze lopende onderzoeken klik hier.

Voorgaande onderzoeken

Nieuwsgierigheid en Getalgevoel

Het doel van dit onderzoek is om de relaties tussen de vroege motorische ontwikkeling, exploratie gedrag en de latere verstandelijke en rekenontwikkeling van jonge kinderen in kaart te brengen.

De achterliggende gedachte is dat het visueel-ruimtelijk denkvermogen van kinderen ontstaat doordat zij bewegen en exploreren en zo de ruimte en voorwerpen om hen heen verkennen. Het ruimtelijk denkvermogen vormt waarschijnlijk de basis waarop kinderen inzicht in ruimtelijke verhoudingen, hoeveelheid en aantallen ontwikkelen . Dit idee is echter nog niet in de praktijk bewezen.

De inzichten uit dit onderzoek zijn van belang voor opvoeders, scholen, kinderdagverblijven en gemeentes om beter advies te kunnen geven met betrekking tot het creëren van bewegingsruimte en speelmogelijkheden voor kinderen. Verder zouden de resultaten van dit onderzoek gebruikt
kunnen worden voor het sneller signaleren en meer effectief behandelen van kinderen die een risico lopen in het ontwikkelen van rekenproblemen.

Getal en ruimte

Het doel van dit onderzoek is om inzicht te krijgen in de ontwikkeling van de relatie tussen getal en ruimte in de baby- en peutertijd.

De achterliggende gedachte is dat het leggen van een relatie tussen getal en ruimte van belang is voor het (leren) rekenen. De koppeling tussen getal en ruimte komt bijvoorbeeld tot uitdrukking bij het schatten/plaatsen van getallen op een getallenlijn, wat het begrip van getallen en rekenen bevordert. Recent onderzoek wijst uit dat acht maanden oude baby’s al een relatie kunnen leggen tussen hoeveelheden en ruimte. Er is echter nog weinig bekend over de ontwikkeling van de relatie tussen getallen en ruimte en de factoren die van invloed zijn op deze ontwikkeling. Het is mogelijk dat de koppeling tussen getal en ruimte zich ontwikkelt door exploratiegedrag. In de eerste levensjaren gaat een kind voortdurend ‘op ontdekkingstocht’ in zijn omgeving. De motorische ontwikkeling van het kind zorgt ervoor dat het kind steeds meer kan bewegen, onderzoeken en ontdekken. Door bewegen en onderzoeken worden de omgeving en objecten in de omgeving verkend, wat de ruimtelijke vaardigheden en het begrip van hoeveelheden van een kind beïnvloedt. Er is echter nog geen direct bewijs hiervoor. In dit onderzoek zal worden bekeken hoe de relatie tussen getallen en ruimte zich ontwikkelt in de baby- en peutertijd en of exploratiegedrag van invloed is op deze ontwikkeling.
Dit onderzoek is van belang omdat het kunnen maken van een juiste koppeling tussen getallen en ruimte gerelateerd is aan rekenprestaties. De resultaten van dit onderzoek kunnen gebruikt worden voor de bevordering van de ontwikkeling van de relatie tussen getallen en ruimte, en daarmee de bevordering van het leren rekenen. Bovendien kan, door de ontwikkeling vanaf de vroege kinderjaren te volgen, inzicht verkregen worden over hoe leerproblemen voorkomen kunnen worden, wat uiteraard beter is dan genezen.